|
'Zeer sober',
noemde W. van Leeuwen in 1976 in 'Langs oude Brabantse kerken'
het interieur van de Luciakerk. Een kwalificatie die onrecht
doet aan het innerlijk dat hoogstens donker kan worden
genoemd. Maar niet op de dagen wanneer de zon uitbundig via
het glas-in-lood de kerk in brand zet.
Dat
niet-alledaagse weet van geen ophouden. Want waar vind je een
biechtstoel in de sacristie, speciaal voor slechthorenden? En
dat de toren achter het altaar staat, is ook tamelijk
ongebruikelijk. Normaal loopt de kerkganger onder de toren
door naar binnen.
Binnen treft men
veel kostbare oudheden aan. Een ervan is de uit de 15de eeuw
daterende doopvont en ook het Mariabeeld moet in die tijd zijn
vervaardigd.
Alleen maar
bewondering past het magnifieke hoogaltaar van de Udense
beeldhouwer Petrus Verhoeven uit 1735 - met de uit lindenhout
gesneden kerkvaders.
Het orgel is in
1738 aangekocht en waarschijnlijk van de hand van Mathijs van
Deventer. Later werd het
vakkundig uitgebreid door de bekende orgelbouwerfamilie Smits uit
Reek.
Het orgel wordt
alom geprezen vanwege zijn bijzonder mooie klank.
Van latere datum
zijn de twee prachtige koorbanken en de communiebank
vervaardig door een plaatselijke schrijnwerker.
De
originele barokke apostelbeelden zijn rond 1910 door pastoor-deken Sala
uit de kerk gezet als zijnde 'bandieten' en zijn vervangen door een voor die tijd modernere
apostelgroep. Drie beelden zijn gelukkig bewaard gebleven
en staan in de parochiezaal en hal van de pastorie.

Over de
schilderingen van het koepelgewelf en het priesterkoor kunnen
de smaken verschillen, maar voorop past bewondering voor het
compositievermogen van de schilders Jos ten Horn en Piet
Koppens, alsmede voor hun waaghalzerij toen ze in 1935 aan
deze gigantische klus begonnen.
|